Ga naar hoofdcontent
Een witte schaal met heldergroene, gekrulde reepjes puntarelle die glanzen in een dressing van olijfolie en ansjovis, afgewerkt met zwarte peper.
bijgerechtsalade

Puntarelle alla romana: Romeinse cichoreisalade met ansjovisdressing

Puntarelle alla romana

Gepubliceerd op

Deze knapperige Romeinse salade van puntarelle krijgt haar uitgesproken karakter van een emulsie met ansjovis, knoflook, wittewijnazijn en olijfolie. Het frisse bittertje en de ziltige dressing vormen een prachtig bijgerecht bij vis, lamsvlees of een uitgebreide Italiaanse maaltijd.

Puntarelle alla romana is een geliefd bijgerecht uit Rome en Lazio, gemaakt van de malse, licht bittere binnenste scheuten van catalogna-cichorei. Door de flinterdun gesneden scheuten in ijswater te leggen, krullen ze op tot karakteristieke groene sliertjes met een heldere, stevige beet.

De klassieke dressing is eenvoudig maar uitgesproken: ansjovis wordt met knoflook fijngestampt en gebonden met wittewijnazijn en extra vergine olijfolie. Juist die combinatie van bitter, fris, zout en kruidig maakt dit een onvergetelijke salade naast geroosterd lamsvlees, gebakken vis of een Romeins diner met meerdere kleine gerechten. Serveer de puntarelle kort nadat je ze hebt aangemaakt, dan blijven de krullen fris en knapperig.

Ingrediënten

  • 1,5 kg
    Catalogna-cichorei met puntarelleGoed voor ongeveer 500 g schoongemaakte puntarelle
  • 8 filets
    AnsjovisOp zout, afgespoeld, ontgraat en goed drooggedaan; gebruik eventueel ansjovisfilets in olie
  • 1 teen
    KnoflookGroot, zonder kiem
  • 25 ml
    Wittewijnazijn
  • 80 ml
    Extra vergine olijfolieLiefst fruitig van smaak
  • 1 kg
    IjsblokjesVoor het ijswater
  • naar smaak
    Zwarte peperVersgemalen

Bereidingswijze

1

Maak de puntarelle schoon

Verwijder de lange, stevige buitenbladeren van de catalogna en houd het lichte hart met de compacte scheuten over. Snijd de harde onderkant van iedere scheut weg. De buitenbladeren kun je bewaren om later te koken of in de pan te smoren.

2

Snijd fijne repen

Splijt iedere scheut in de lengte en snijd hem vervolgens in lange, zeer dunne reepjes van ongeveer 2 tot 3 millimeter breed. Werk zorgvuldig: dunne repen krullen het mooist en eten het prettigst.

3

Laat de cichorei krullen

Vul een ruime kom met koud water en veel ijsblokjes. Leg de reepjes puntarelle erin en zet 1 uur in de koelkast. Door het koude water worden ze extra knapperig en krullen ze op.

4

Stamp de basis voor de dressing

Stamp de ansjovis met de knoflook in een vijzel tot een zo glad mogelijke pasta. Heb je geen vijzel, druk beide ingrediënten dan fijn met een vork tegen de wand van een kom.

5

Klop de ansjovisdressing

Roer de wittewijnazijn door de ansjovispasta. Voeg de olijfolie vervolgens langzaam toe terwijl je blijft roeren, zodat een licht gebonden dressing ontstaat. Breng op smaak met zwarte peper; extra zout is meestal niet nodig.

6

Laat goed uitlekken

Giet de puntarelle af en droog ze bijzonder zorgvuldig in een slacentrifuge of tussen schone theedoeken. Als er te veel water achterblijft, wordt de dressing dun en hecht hij minder goed.

7

Meng vlak voor het eten

Doe de droge, gekrulde puntarelle in een ruime schaal en schep ze zorgvuldig om met de dressing. Laat 5 tot 10 minuten staan zodat de smaken zich zetten, maar serveer de salade binnen een halfuur voor de beste bite.

Tips & Notities

Vind je geen puntarelle, gebruik dan fijngesneden witlof of jonge groene cichorei als benadering; de smaak en krul zullen wel anders zijn. Wil je de knoflook subtieler houden, wrijf dan alleen een doorgesneden teen langs de vijzel of kom en haal hem daarna weg. De traditionele dressing hoort zilt te zijn, maar proef altijd voordat je zout toevoegt.

Verder koken

Nieuwsbrief

Elke dag een stukje Italië in je mailbox

Schrijf je vandaag in en ontvang vanaf morgen elke dag een heerlijk Italiaans recept in je mailbox.